Navigatie menu

versieren

versieren

In Stramproy is het traditie dat de kruisen worden versierd. De kleurcombinaties die worden gebruikt zijn niet willekeurig. Onder het item kleurbetekenis leest u hier meer over. Wanneer begonnen is met het versieren van kruisen is niet te achterhalen. Op foto’s uit 1936 is te zien dat er in Stramproy minstens zes kruisen waren versierd. Aannemelijk is dat tijdens de Tweede-Wereldoorlog geen kruisen versierd werden. Na de bezetting zette de traditie om te versieren zich weer voort, maar zwakte af. In Stramproy werd in 1977 alleen het Dobbelekruûs versierd. Na een aanmoedigende preek door pastoor Adams werd de draad geleidelijk opgepakt. Tegenwoordig is de versiering van kruisen maar ook beeldjes van Maria in Stramproy en omgeving, een opvallend en mooi gebruik. Het versieren van een religieus monumentje wordt gedaan door verzorgers, of door de mensen die in de buurt van een monument wonen. Elk monument wordt op een andere manier versierd. Voor de versieringen worden verschillende materialen gebruikt. Meestal wordt een kruis of beeldje versierd met een krans met rozen. Soms wordt bij een speciale gelegenheid een krans extra versierd met een feestelijke strik.

kleurbetekenis

De betekenis van de toe te passen kleuren bij het versieren van een religieus monumentje, wordt in dit artikel uitgelegd. Als een kruis wordt versierd met rozen, kan dat een variëteit van kleuren zijn. Meestal is het een combinatie van twee kleuren, zoals blauw en wit, geel en wit of paars en wit. Paars en wit zijn de kleuren die gebruikt worden in de vastentijd. Wanneer in de Goede-Week (de week vóór Pasen) een krans aan een kruis wordt gehangen, moeten volgens kerkelijk gebruik, paars en wit worden gebruikt. Op paaszaterdag moeten de paarse rozen worden omgewisseld voor gele. De geel en wit combinatie symboliseert de wederopstanding van Jezus. Geel en wit zijn de officiële kleuren van de Rooms-katholieke kerk. Een beeld van de Maagd Maria wordt versierd met de kleuren blauw en wit.
Naast de officiële katholieke kleuren komen er de meest fantasierijke kleurcombinaties voor, soms zelfs vier verschillende kleuren door elkaar. Er is een feestelijke variant die onder andere is gebruikt bij het 400-jarig bestaansfeest van de Stramproyer parochie Heilige-Willibrordus in 1983. Toen werden de kruisen versierd met de kleuren rood, wit, blauw en geel of met rood en wit.
Bij een gouden bruiloft worden soms ‘kerstboompjes’ langs beide zijden van de weg naar het huis van het gouden paar gezet. De boompjes worden met witte en gele of witte en goudkleurige rozen verfraaid. En soms wordt als extra versiering ‘goudenregen’ van papier aangebracht. De felle geel gekrulde slierten, die hoog over de weg aan draden worden opgehangen, zorgen voor een bijzonder fleurig effect.

rozen

Met welke materialen kan men rozen vouwen? Voor het maken van rozen of strikken, kan uit een groot assortiment aan materialen gekozen worden. Folie zit op grote rollen en is niet in elke kleur verkrijgbaar. Als men de rozen opnieuw wil gebruiken, is plasticfolie het meest geschikt. Plasticfolie is moeilijker te verwerken, maar het is wel duurzamer dan papier.
Rozen van papier verkleuren door de regen en geven meestal af. De materialen die voor het vouwen van rozen in aanmerking komen zijn: kunststoffolie, crêpepapier, gekleurd papier van diverse dikten of papieren servetten met meerdere lagen. Het verdient aanbeveling om zo min mogelijk materialensoorten door elkaar te gebruiken.
Het vouwen van rozen is een techniek die niet iedereen beheerst. Om de rozen met papier of folie te modelleren moeten eerst stroken worden gesneden of geknipt.
Door het model van de geknipte strook te variëren, is het mogelijk om bij een roos of strik een apart effect te bereiken. De vorm van een strook kan recht, gekarteld of gegolfd zijn. Voor een extra effect kan een strook nog in de dwarsrichting meerdere keren worden ingeknipt. Een roos of een strik kan uit meerdere kleuren bestaan. Door stroken van verschillende kleuren op elkaar te gebruiken wordt een verrassend effect bereikt. Maar steeds moet hierbij op de betekenis van de kleuren worden gelet. Bij versieringen kan men kiezen uit vijf verschillend gevouwen rozen: de anjerroos, de boterroos, de processieroos, de tulproos of de kelkroos. De namen zijn afgeleid van de vorm van de ‘bloem’.

anjerroos

De meest bewerkelijke roos is de anjerroos. Kies hiervoor een folie of papier van de gewenste kleur. Een roos van plastic kan vaker worden gebruikt maar het maken is tijdrovender.
Handleiding voor het maken van een anjerroos:

  1. Knip met een kartelschaar voor elke roos vier stroken van circa 40x10cm.
  2. Leg de stroken op elkaar.
  3. Vouw de stroken in dwarsrichting met harmonica-vouwtjes op.
  4. Hou de gevouwen stroken in het midden met één hand vast en draai een draadje van ca. 15cm lengte een aantal keren om het midden.
  5. Trek vervolgens, beginnend vanaf de zijkanten, alle ‘blaadjes’ een-voor-een naar buiten zodat er een mooie kunstbloem ontstaat.
  6. Wanneer het resultaat niet egaal is, kan de roos met een kartelschaar worden bijgewerkt.

boterroos

Het vouwen van een boterroos kost minder tijd dan het maken van een anjerroos. Neem voor het maken van zo’n roos gekleurd crêpepapier.
Handleiding voor het maken van een boterroos:

  1. Knip met een gewone schaar voor elke roos één strook van circa 50x15cm.Vouw de strook in de lengte richting dubbel.
  2. Vouw in dwarsrichting het geheel drie maal op als een harmonica.
  3. Neem met een hand het gevouwen papier aan de onderkant vast.
  4. Knip het geheel in de dwarsrichting een groot aantal keren in, ongeveer 0,8 cm breed en 3 cm diep.
  5. Vouw het geheel open.
  6. Draai de strook om en vouw deze omgekeerd in de lengte richting.
  7. Blaas aan de achterkant van de vouw totdat de sliertjes allemaal naar buiten opbollen.
  8. Vouw het geheel een aantal keren in dwarsrichting.
  9. Pak daarna met één hand de roos vast en bindt met een stukje draad van ca.15cm lengte de onderzijde aan elkaar.

Boterrozen zijn te gebruiken op een krans of in een ‘kerstboompje’.

processieroos

De meest bewerkelijke roos is de anjerroos. Kies hiervoor een folie of papier van de gewenste kleur. Een roos van plastic kan vaker worden gebruikt maar het maken is tijdrovender.
Handleiding voor het maken van de processieroos:

  1. Knip voor de roos een strook van circa 50x15cm.
  2. Vouw de strook in de lengte richting dubbel.
  3.  Neem een dikke breinaald en steek die in de vouw.
  4. Druk het papier in de lengte over de breinaald in elkaar.
  5. Verwijder de naald.
  6. Rol het ingedrukte papier in de dwarsrichting op.
  7. Houd vervolgens met één hand het vouwwerk vast en bind met een draad van ca. 15cm lengte de onderzijde aan elkaar.

De processieroos kan worden gebruikt op een krans of in een ‘kerstboompje’.

tulproos

Het maken van een tulproos is eenvoudig. De vorm vertoont grote overeenkomsten met een tulp. Gebruik voor het vouwen van deze roos crêpepapier.

 

Handleiding voor het maken van een tulproos:

  1. Knip stroken papier van circa 50x10cm. Wanneer u de stroken breder maakt, wordt het model groter.
  2. Vouw de strook in de dwarsrichting vier keer op.
  3. Knip met een schaar de bovenrand golvend bij.
  4. Trek de strook uit elkaar en rol deze in dwarsrichting een aantal keren op.
  5. Neem met één hand de roos vast en draai om de onderkant een draad van ca. 15cm lengte om het geheel bij elkaar te houden.
  6. Werk vanaf de buitenkant de bloem open zodat er een echte tulpvorm ontstaat.

kelkroos

De meest eenvoudig vorm van een roos, is het kelkmodel. De kelkroos vergt de minste tijd om te maken en toch ontstaat er een mooie creatie. Crêpepapier is het geschiktste materiaal voor dit type roos.

Handleiding voor het maken van de kelkroos:

  1. Knip stroken van circa 50x10cm. Naarmate de stroken breder zijn, zal de roos ook groter worden.
  2. Vouw de strook in de dwars-richting dubbel en daarna nog een keer dubbel.
  3. Druk vanuit beide uiteinden aan de onderzijde het materiaal in dwarsrichting in elkaar.
  4. Neem met één hand de onderkant vast en draai met een draadje van ca.15cm lengte de roos aan de onderzijde aan elkaar.
  5. Werk de roos aan de bovenzijde open om het juiste model te verkrijgen.

krans

Hoe maak je een krans voor op een kruis? We onderscheiden een aantal attributen waarmee een krans gemaakt kan worden. Voor het maken van een krans is een drager noodzakelijk. Om de drager komt een bekleding met takken. Met bindmateriaal worden de takken om de drager gebonden. Wanneer de krans klaar is, worden er de rozen (bloemen) opgestoken. De kleur van de rozen moet juist zijn. Voor elke aangelegenheid bestaat een passende kleurcombinatie, leest verder bij kleurbetekenis. Een aanleiding om een kruis te versieren kan zijn: een kerkelijke feestdag, een jubileum of een bijzondere kerkelijke gebeurtenis. Bijna altijd wordt als basis voor het maken van een krans een drager of kern gebruikt. Hieronder staat welke materialen als drager geschikt zijn:

  • een fietsband; zowel een binnen- als een buitenband kan worden gebruikt.
  • de velg van een fietswiel.
  • een gevlochten band van stro zodat de krans meer massa krijgt.
  • een buis van staal, koper of kunststof.
  • een gevlochten touw.
  • een kunststof koord.
  • een elektriciteitskabel omdat die gemakkelijk in een gewenste vorm kan worden gebogen.
  • een aantal elektriciteitsdraden; zowel de gestripte als de geïsoleerde draden zijn bruikbaar.
  • wilgen takken (‘wisse’); pas afgesneden takken zijn buigzaam en daardoor gemakkelijk te verwerken.
  • een drager door natuurlijkmateriaal te vlechten of te binden.

Voor de bekleding van een krans wordt meestal snoeimateriaal van bomen of struiken gebruikt. Bruikbare takken kunnen zijn van een: palm, den, spar, conifeer, taxus, laurier, liguster of brem. Combinaties van takken van verschillende bomen of struiken zijn mogelijk. De takken moeten zorgvuldig met bindmateriaal worden samengebonden. Wanneer het binden van de takken goed gebeurd, is de drager niet te zien. De materialen om te binden zijn: staaldraad, elektriciteitsdraad, bindtouw, metselkoord, gevlochten touw, sluitingen van plasticzakken, tyraps of nietjes. Zorg bij het binden dat de takken goed vastzitten, anders vallen of waaien er takken uit de krans. Vergeet daarom vooral niet om regelmatig een stevige knoop in het bindmateriaal te leggen. Voor het opfleuren van de krans worden kleurige rozen met daarbij soms ook een strik gebruikt.

strik

Om een versiering compleet te maken, wordt vaak aan de onderkant van een krans een strik bevestigd. Het materiaal en de kleur moeten in overeenstemming met de kleur(en) van de rozen op de krans zijn. Een strik dient in een goede verhouding met de krans te zijn. De strik moet in het midden worden samengebonden met een knoop, een band, een roos of een van deze drie en dat in combinatie met slingers.
Handleiding om een strik te maken:

  1. Knip met een schaar lange stroken papier of folie van circa 10cm breedte.
  2. Rol de geknipte strook met een ruime diameter, in de lengte richting, een aantal keren op.
  3. Druk de verkregen rol in het midden bij elkaar en houd de rol in één hand vast. Neem nu bijvoorbeeld een roos en gebruik de binddraad daarvan om de strik samen te binden.
  4. Trek de strik aan de zijkanten enigszins uit elkaar waardoor deze breder en voller lijkt.